Wat is de Wet DBA? Uitleg in gewone taal

De Wet DBA regelt hoe opdrachtgever en zzp'er samen bepalen of een opdracht echt zelfstandig werk is. Sinds 1 januari 2025 controleert de Belastingdienst daar weer actief op.

Bright Professionals · , bijgewerkt
Voor overhedenVoor zzp'ers6 min lezen

Wat de Wet DBA is

De Wet DBA is de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties. De wet bepaalt dat een opdrachtgever en een zzp'er samen verantwoordelijk zijn voor de vraag of hun samenwerking echt een opdracht is, of eigenlijk een dienstverband. De wet geldt sinds 1 mei 2016 en vervangt de VAR, de Verklaring arbeidsrelatie.

De Wet DBA bevat zelf geen nieuwe regels over wanneer iemand werknemer is. Die regels staan in het Burgerlijk Wetboek en zijn uitgewerkt in rechtspraak. De wet verandert vooral wie het risico draagt als de inschatting fout blijkt te zijn.

Waarom de wet bestaat

Tot 2016 vroeg een zzp'er een VAR aan bij de Belastingdienst. Had de opdrachtgever een kopie van die verklaring in het dossier, dan was die gevrijwaard. Bleek de zzp'er achteraf toch werknemer, dan kwam de rekening bij de zzp'er terecht. Opdrachtgevers hadden daardoor weinig reden om kritisch te kijken naar de manier van samenwerken.

De Wet DBA schafte die vrijwaring af. Sindsdien kijkt de Belastingdienst naar de feitelijke situatie: hoe wordt er in de praktijk gewerkt? Opdrachtgever en zzp'er delen het risico als dat beeld niet klopt met de overeenkomst van opdracht.

Wat schijnzelfstandigheid is

Schijnzelfstandigheid is de situatie waarin iemand als zzp'er factureert, maar in de praktijk werkt als een werknemer. Denk aan iemand die al jaren dezelfde functie vervult, aangestuurd wordt door een leidinggevende, meedraait in het team en zich niet kan laten vervangen. Op papier is het een opdracht, maar feitelijk is het een dienstverband.

Of daar sprake van is, bepaalt de Belastingdienst (en bij een geschil de rechter) aan de hand van alle feiten en omstandigheden samen. De Hoge Raad heeft in het Deliveroo-arrest van 24 maart 2023 opgesomd welke gezichtspunten daarbij meewegen, zoals de duur van het werk, de aansturing, de inbedding in de organisatie en of de zzp'er zich als ondernemer gedraagt. Lees meer in de gezichtspunten uit het Deliveroo-arrest uitgelegd.

Een eerste indicatie geeft de Webmodule Beoordeling Arbeidsrelatie van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. De uitkomst is niet bindend, maar hoort wel in het dossier.

Wie het risico draagt

Bij schijnzelfstandigheid is de opdrachtgever voor de loonheffingen de werkgever. Loonheffingen zijn de belasting en premies die een werkgever op het loon inhoudt. De Belastingdienst legt een naheffing op aan de opdrachtgever, niet aan de zzp'er. Een deel daarvan kan de opdrachtgever soms verhalen op de zzp'er, maar de premies werknemersverzekeringen blijven altijd voor de opdrachtgever.

De zzp'er loopt ook risico. Wie als werknemer wordt gezien, verliest voor die opdracht de fiscale voordelen van het ondernemerschap, zoals de zelfstandigenaftrek. Lees meer in boete en naheffing bij schijnzelfstandigheid.

Waarom de wet jarenlang niet werd gehandhaafd

Na 2016 ontstond zoveel onrust dat het kabinet de handhaving stillegde: de Belastingdienst greep alleen in bij kwaadwillende opdrachtgevers, of als een eerdere aanwijzing niet werd opgevolgd. Dat duurde tot en met 31 december 2024. Sinds 6 september 2024 beoordeelt de Belastingdienst ook geen nieuwe modelovereenkomsten meer; eerder goedgekeurde overeenkomsten blijven tot en met 31 december 2029 bruikbaar, zolang er in de praktijk ook echt zo wordt gewerkt.

Wat er sinds 1 januari 2025 geldt

Sinds 1 januari 2025 handhaaft de Belastingdienst weer op schijnzelfstandigheid. Aanwijzingen vooraf zijn er niet meer: stelt de Belastingdienst een dienstverband vast, dan moet de opdrachtgever de loonheffingen alsnog betalen, direct en zonder waarschuwing vooraf. Die naheffing gaat in beginsel niet verder terug dan 1 januari 2025, behalve bij kwaadwillendheid of als een eerdere aanwijzing niet is opgevolgd.

In 2025 kwamen er nog geen boetes bij. Sinds 2026 kan dat wel als een opdrachtgever het bewust of heel onzorgvuldig fout deed. Vanaf 2027 gelden de gewone regels voor boetes. In 2026 geeft de Belastingdienst volgens het Handhavingsplan arbeidsrelaties extra aandacht aan overheidsorganisaties. Lees meer in handhaving op de Wet DBA.

Vanaf 31 december 2026 geldt een wettelijk vermoeden van een arbeidsovereenkomst bij een uurtarief op of onder een grensbedrag; in de wet staat 36 euro, bij de start naar verwachting ongeveer 38 euro. Lees meer in rechtsvermoeden bij een laag uurtarief.

Let op: een duidelijker wettelijk toetsingskader is er nog niet. Het onderdeel van het eerdere wetsvoorstel (de Wet VBAR) dat dit moest regelen, is in maart 2026 geschrapt. Het kabinet bracht op 1 oktober 2026 een nieuw voorstel in internetconsultatie, de Zelfstandigenwet, met een zelfstandigentoets en een werkrelatietoets; de beoogde ingang is januari 2028. Tot die tijd blijven de gezichtspunten uit de rechtspraak leidend.

Wat dit betekent voor overheden en zzp'ers

Voor gemeenten, provincies, waterschappen en het Rijk betekent dit dat iedere zzp-inhuur vooraf getoetst moet worden, ook een opdracht die al jaren loopt. Hoe je dat aanpakt, staat in handhaving op de Wet DBA; een beslishulp vind je in zzp'er of detachering: welke inhuurvorm past?

Voor zzp'ers betekent het dat niet iedere opdracht nog als zzp kan; past de opdracht niet, dan is detachering vaak het alternatief. Lees meer in mag ik als zzp'er nog voor de overheid werken?

Korte antwoorden op de meestgestelde vragen staan in de veelgestelde vragen over zzp-inhuur bij de overheid.

Samenvatting

  • De Wet DBA (2016) maakt opdrachtgever en zzp'er samen verantwoordelijk voor de vraag of een opdracht echt zelfstandig werk is.
  • Schijnzelfstandigheid betekent dat iemand als zzp'er factureert, maar in de praktijk werkt als werknemer.
  • Sinds 1 januari 2025 legt de Belastingdienst weer naheffingen op en sinds 2026 kan daar een boete bij komen.
BronnenWet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (Wet DBA), in werking sinds 1 mei 2016 · Belastingdienst, Arbeidsrelaties en handhaving (belastingdienst.nl) · Belastingdienst, Handhavingsplan arbeidsrelaties 2026 · Belastingdienst, Geen nieuwe modelovereenkomsten meer (belastingdienst.nl) · Hoge Raad 24 maart 2023, ECLI:NL:HR:2023:443 (Deliveroo) · Kamerbrief gedeeltelijke verlenging zachte landing, 19 december 2025 (Kamerstukken II 31311, nr. 302) · Wet van 18 juni 2026, rechtsvermoeden van arbeidsovereenkomst op basis van een uurtarief (Stb. 2026, 158) en inwerkingtredingsbesluit (Stb. 2026, 207) · Rijksoverheid, Zelfstandigenwet biedt meer duidelijkheid en erkenning voor zzp'ers, 1 oktober 2026 (internetconsultatie tot en met 29 oktober 2026)
Laatst gecontroleerd op 3 november 2026. Dit artikel is algemene informatie, geen juridisch advies.
Vragen over dit onderwerp?

Bel of mail ons gerust.